Bereiding
Kook de aardappels met schil in licht gezouten water totdat ze gaar zijn. Giet ze af en zet ze even kort terug op het vuur, om ze droog te stomen. Pel de aardappels en laat ze helemaal afkoelen. Snijd de afgekoelde aardappels in kleine blokjes (als je dit direct doet, is de kans groot dat de aardappels uit elkaar vallen). Je kunt de aardappels al een dag van tevoren koken en pellen.
Het koken van aardappels in de schil en ze daarna pellen geeft een vollere smaak aan de aardappels!
Laat het filodeeg in de verpakking ontdooien. Verhit een grote hapjes- of braadpan met een scheut olie en fruit de ui zachtjes aan.

Voeg de boerenkool en bouillon toe, leg de rookworst bovenop de boerenkool, zet het vuur laag en doe de deksel op de pan.

Laat minimaal 20 minuten of nog langer zachtjes koken, totdat de boerenkool is geslonken en zacht is. Roer af en en toe even om. Proef en breng zo nodig verder op smaak met zout en peper.
Verwarm de oven voor op 200 graden.
Haal de rookworst na 20 minuten uit de pan en snijd in kleine stukjes. Roer de monchou, rookworst en aardappel door de boerenkool totdat de monchou opgelost is.

Vervolgens verder bereiden in de oven, zoals ik in de inleiding beschrijf.

Eet smakelijk!
Tip!
Serveer de boerenkoolcake volgens het recept in Koken en Genieten met een lepeltje mosterdroom. Hiervoor meng je 200 ml crème fraîche met 1 eetlepel mosterd. Dit smaakt er inderdaad heerlijk bij!
Deel je reactie